§2.1: Waar heb jij behoefte aan?

TKoot
Mind Map by TKoot, updated more than 1 year ago
TKoot
Created by TKoot over 6 years ago
5
0

Description

Hoofdtuk 3 par. 1 waar heb jij behoeften aan

Resource summary

§2.1: Waar heb jij behoefte aan?
  1. Primaire behoeften
    1. basisbehoeften
      1. noodzakelijk
      2. Secundaire behoeften
        1. niet noodzakelijk
          1. luxe
          2. zelfvoorziening
            1. je behoeften zelf maken
            2. consumeren
              1. consument
                1. prioriteiten stellen
                  1. kiezen wat je het belangrijkste vindt
                    1. prioriteitenlijst
                2. inkomen per hoofd van de bevolking
                  1. gemiddelde inkomen per inwoner
                    1. nationaal inkomen / aantal inwoners
                  2. middelen : geld, bezittingen, etc.
                    1. welvaart = hoeveel middelen er kunnen worden benut
                      1. spanning tussen middelen en behoeften = schaarte
                      Show full summary Hide full summary

                      Similar

                      NT2 ⎜Enkele of dubbele klinker ★
                      Clarisse SK
                      NT2 | Hangen‚ Liggen‚ Staan‚ Zitten ★★
                      Clarisse SK
                      Voornaamwoordelijk Bijwoord
                      Clarisse SK
                      Quiz SMART-doelstellingen
                      rozwiers
                      PARTIE 1: Inleiding + artistieke cultuur in de Nederlanden
                      estelle.platiau
                      Spelling: verkleinwoorden
                      Maaike Zijm
                      Nederlands woorden 1+2 H3.3
                      jaspervanbeuseko
                      NT2 ⎜Boekhouding ⎜Woordenschat ★★★
                      Clarisse SK
                      Frans unité 4
                      yoloswag
                      Module 1- 1.1.3 Le mécanisme de la fixation des prix (texte troué)
                      Cynthia Lizotte
                      Nederlands woorden 1+2 H3.3
                      Diana Mol