Test
[NL A1] Ontkenning: niet en geen — Selecteer de correcte zin.
Preguntas del test (35)
1Welke zin is correct?
(We hebben honger.)- AWe hebben geen honger.
- BWe hebben niet honger.
- CWe hebben honger niet.
2Welke zin is correct?
(Jennifer heeft dorst.)- AJennifer heeft geen dorst.
- BJennifer heeft niet dorst.
- CJennifer heeft dorst niet.
3Welke zin is correct?
(Lisa is blij.)- ALisa is niet blij.
- BLisa is geen blij.
- CLisa is blij niet.
4Welke zin is correct?
(Jullie zijn sympathiek.)- AJullie zijn niet sympathiek.
- BJullie zijn geen sympathiek.
- CJullie zijn sympathiek niet.
5Welke zin is correct?
(Heb jij een zus?)- AHeb jij geen zus?
- BHeb jij niet zus?
- CHeb jij een zus niet?
6Welke zin is correct?
(Bernard koopt een pen.)- ABernard koopt geen pen.
- BBernard koopt niet een pen.
- CBernard koopt een pen niet.
7Welke zin is correct?
(Helene leest een boek.)- AHelene leest geen boek.
- BHelene leest niet een boek.
- CHelene niet leest een boek.
8Welke zin is correct?
(Is Catherine timide?)- AIs Catherine niet timide?
- BIs Catherine geen timide?
- CIs niet Catherine timide?
9Welke zin is correct?
(We zijn moe.)- AWe zijn niet moe.
- BWe zijn geen moe.
- CWe zijn moe niet.
10Welke zin is correct?
(Het zijn studenten.)- AHet zijn geen studenten.
- BHet zijn niet studenten.
- CHet zijn studenten niet.
11Welke zin is correct?
(Guy drinkt thee.)- AGuy drinkt geen thee.
- BGuy drinkt niet thee.
- CGuy drinkt thee niet.
12Welke zin is correct?
(Anca schrijft een brief.)- AAnca schrijft geen brief.
- BAnca schrijft niet brief.
- CAnca schrijft niet een brief.
13Welke zin is correct?
(Arnaud rookt een sigaret.)- AArnaud rookt geen sigaret.
- BArnaud rookt niet sigaret.
- CArnaud rookt een sigaret niet.
14Welke zin is correct?
(Mijn zus is gescheiden.)- AMijn zus is niet gescheiden.
- BMijn zus is geen gescheiden.
- CMijn zus is gescheiden niet.
15Welke zin is correct?
(Heeft ze kinderen?)- AHeeft ze geen kinderen?
- BHeeft ze niet kinderen?
- CHeeft ze kinderen niet?
16Welke zin is correct?
(Ze leest haar e-mails.)- AZe leest haar e-mails niet.
- BZe leest haar geen e-mails.
- CZe leest geen haar e-mails.
17Welke zin is correct?
(Hij spreekt.)- AHij spreekt niet.
- BHij spreekt geen.
- CHij niet spreekt.
18Welke zin is correct?
(Ana spreekt Arabisch.)- AAna spreekt geen Arabisch.
- BAna spreekt niet Arabisch.
- CAna spreekt Arabisch niet.
19Welke zin is correct?
(Ahmet spreekt goed Turks.)- AAhmet spreekt niet goed Turks.
- BAhmet spreekt goed geen Turks.
- CAhmet spreekt goed Turks niet.
20Welke zin is correct?
(De kinderen hebben huisdieren.)- ADe kinderen hebben geen huisdieren.
- BDe kinderen hebben niet huisdieren.
- CDe kinderen hebben huisdieren niet.
21Welke zin is correct?
(De les is interessant!)- ADe les is niet interessant!
- BDe les is geen interessant!
- CDe les is interessant niet!
22Welke zin is correct?
(Ga jij met de bus?)- AGa jij niet met de bus?
- BGa jij met de bus niet?
- CGa jij met geen bus?
23Welke zin is correct?
(Dit is onze tante.)- ADit is niet onze tante.
- BDit is geen onze tante.
- CDit is onze geen tante.
24Welke zin is correct?
(Mijn broer heeft een vriendin.)- AMijn broer heeft geen vriendin.
- BMijn broer heeft niet een vriendin.
- CMijn broer heeft een vriendin niet.
25Welke zin is correct?
(We drinken koffie met melk.)- AWe drinken geen koffie met melk.
- BWe drinken koffie met geen melk.
- CWe drinken niet koffie met melk.
26Welke zin is correct?
(Het is twee uur.)- AHet is geen twee uur.
- BHet is niet twee uur.
- CHet is twee uur niet.
27Welke zin is correct?
(Cato is veertien jaar oud.)- ACato is geen veertien jaar oud.
- BCato is niet veertien jaar oud.
- CCato is veertien jaar niet oud.
28Welke zin is correct?
(Ik apprecieer dat soort muziek.)- AIk apprecieer dat soort muziek niet.
- BIk apprecieer dat soort geen muziek.
- CIk apprecieer geen dat soort muziek.
29Welke zin is correct?
(Isabelle heeft tijd.)- AIsabelle heeft geen tijd.
- BIsabelle heeft niet tijd.
- CIsabelle heeft tijd niet.
30Welke zin is correct?
(Bent u nog klant?)- ABent u nog geen klant?
- BBent u nog niet klant?
- CBent u niet nog klant?
31Welke zin is correct?
(Peter heeft gestudeerd.)- APeter heeft niet gestudeerd.
- BPeter heeft geen gestudeerd.
- CPeter heeft gestudeerd niet.
32Welke zin is correct?
(Ze hebben nog cd's van Jacques Brel.)- AZe hebben nog geen cd's van Jacques Brel.
- BZe hebben nog niet cd's van Jacques Brel.
- CZe hebben nog cd's van geen Jacques Brel.
33Welke zin is correct?
(Ik sta op voor 8 uur.)- AIk sta niet op voor 8 uur.
- BIk sta op niet voor 8 uur.
- CIk sta op voor geen 8 uur.
34Welke zin is correct?
(Ik vertrek om 6 uur.)- AIk vertrek niet om 6 uur.
- BIk vertrek om geen 6 uur.
- CIk vertrek om niet 6 uur.
35Welke zin is correct?
(Ik zie een kat.)- AIk zie geen kat.
- BIk zie een kat niet.
- CIk zie niet kat.
Información
- Descripción
- NT2 Test sobre [NL A1] Ontkenning: niet en geen — Selecteer de correcte zin., creado por Yatalu ⠀ el 13/01/2021.
- Autor
- Yatalu ⠀
- Idioma
- English
- Visitas
- 159
- Etiquetas
- Valoración
- Aún sin valoraciones Valora este test