Fichas
Partie 4 : Jacob Jordaens tot het einde

Fichas del conjunto (61)
- 1—JACOB JORDAENS
"De Bonenkoning", 1655
Barok, theatraal, invloed op het volkse.
- 2—JACOB JORDAENS
"De koning drinkt", 1638
Barok, theatraal, invloed op het volkse.
- 3—JACOB JORDAENS
"Allegorie van de vruchtbaarheid", 1623
Barok, sensueel en fragiel.
- 4—ADRIAAN DE LELIE
"De Liefdesbrief", 1785-1820
Genrestuk : Kleinburgerlijke Hollandse leven.
- 5—JAN VAN HUYSUM
"Arcadisch landschap met borstbeeld van Flora", 1724-1725
Romantisch : archaïsche landschap, natuur.
- 6—JAN VAN HUYSUM
"Stilleven met bloemen", 1723
Versierend rococo, louter decoratief, niet meer moraliserend.
- 7—CORNELIS TROOST
"Rumor erat in casa", 1740
Theatraal, niet moraliserend, tranche de vie.
- 8—GUSTAAF WAPPERS
"Tafereel van de septemberdagen 1830 op de Grote Markt te Brussel", 1834
Nationalistische kunst.
- 9—JOZEF ISRAEL
"Kinderen der zee", 1857
Haagse School : Land, lucht, water, strand,
bekering tot Impressionisme.
- 10—ANTON MAUVE
"Straat", 1880
Haagse School : Zilvergrijs // Holland, eigen natuur, sfeer > materie.
- 11—HENDRIK WILLEM MESDAG
"Panorama Mesdag", 1881
Haagse School : cilindervormig.
- 12—WILLEM MARIS
"Zonnige weidel", voor 1910
Haagse School : Lichteffecten, atmosfeer.
- 13—JAN HENDRIK WEISSENBRUCH
"Trekvliet", 1870
Haagse School : Nostalgische verbondenheid met Hollandse landschap, lyrisch.
- 14—GEORGE HENDRIK BREITNER
"De Singelbrug bij de Paleisstraat", 1898
Amsterdamse School : Stad, fotografie, momentopname, beweging.
- 15—GEORGE HENDRIK BREITNER
"In het duin", 1886
Amsterdamse School : Beweging, brutaal, vlekkerige techniek Alla Prima.
- 16—ANTON MAUVE
"Morgenrit", 1876
Haagse School : Rustig, strand.
- 17—JAN TOOROP
"Fatalisme", 1839
Symbolisme : Golvende lijnen, idee = we proberen aan het noodlot te ontsnappen, decoratief.
- 18—HENRI DE BRAEKELEER
"De Geograaf", 1871
Realisme : details, kleinburgerij, pause moment (// Vermeer), licht (// Vermeer) en warme kleuren (>< Vermeer).
- 19—HENRI DEE BRAEKELEER
"Lezende vrouw", 1872
Realisme : Intimiteit, Stoffelijk, licht, geen echt portret (onvolledig gezicht).
- 20—EMILE CLAUS
"De Picknick", c. 1887
Impressionisme : Luminisme (volle buitenlicht), Vlaamse landschap.
- 21—GEORGES MINNE
"De Fontein met de geknielde jongelingen", c. 1898
Eerste Latemse Groep (symbolisme) : symbolisme, stilering, zielsstemming.
- 22—GUSTAVE VAN DE WOESTYNE
"De Zaaier", 1913
Eerste Latemse groep : symbolisme, zaaier = vruchtbaarheid, universele religieuze dimensie + Vlaamse traditie (de boer/de landschap).
- 23—GUSTAVE VAN DE WOESTYNE
"Het Laatste avondmaal", 1927
Eerste Latemse groep : expressieve deformatie, religieuze bewogenheid, kubistische invloed.
- 24—GUSTAVE VAN DE WOESTYNE
"Boer (Het antwoord)", 1911
Eerste Latemse groep : expressionisme, herinnert aan Van Eyck (Kanunnik Van der Paele) --> Emotieloze ingetogenheid, nauwgezet portret.
- 25—VALERIUS DE SAEDELEER
"Winter in Vlaanderen", 1927
Eerste Latemse groep : symbolisme, eenzaamheid, religieuze bezieling in winterlandschap (somber en droevig).
- 26—ALBERT SERVAES
"Heilige avond", 1905
Eerste Latemse groep : religieuze tafereel in Vlaanderen, symbolisme, eenzaamheid
- 27—ALBERT SERVAES
"Pieta", 1920
Eerste Latemse groep : symbolisme (religie) en expressionisme (subjectieve expressie), door deformatie van lichaam en clair-obscur.
- 28—CONSTANT PERMEKE
"De Bedelaar", 1931
Tweede Latemse groep (expressionisten) : Expressionist, de essentie weergeven (wat betekent bedelaar zijn ?), vervorming vergroot expressie, synthetisch, stilering en geometrie, donkere aardkleuren (// grond).
- 29—CONSTANT PERMEKE
"De Vreemdeling", 1916
Tweede Latemse groep (expr.) : geen details, monumentalisme, drukt de essentie van 'vreemdeling' direct uit.
- 30—CONSTANT PERMEKE
"De Verloofde", 1923
Tweede Latemse Groep (expr.) : Monumentale en donkere man >< lichte vrouw, armen tonen dat ze verloofde zijn (expressionisme // verbondenheid).
- 31—CONSTANT PERMEKE
"Angelus", 1934
Tweede Latemse groep (expr.) : Monumentaliteit, symboliseren hard labeur, één tonaliteit, eenvoudige compositie, ook religie.
- 32—JEAN-FRANCOIS MILLET
"L'Angélus", 1857-59
Realisme met romantische idealisering, sereen en harmonisch door landschap, rust.
- 33—CONSTANT PERMEKE
"Moederschap", 1929
Tweede Latemse groep (expr.) : Moederschap = animale symbiose, organische band + religieuze dimensie. Kind en moeder vormen één.
- 34—CONSTANT PERMEKE
"Naakt", 1926
Tweede Latemse groep (expr.) : Vruchtbaarheid, sensueel.
- 35—CONSTANT PERMEKE
"Boerengezin met kat", 1928
Tweede Latemse groep (expr.) : Geen echt decor, lyrische ruimte, monumentaal, invloed van kubisme en negritude, synthese van eenvoudig buitenleven.
- 36—CONSTANT PERMEKE
"Het Afscheid", 1948
Tweede Latemse groep (expr.) : donkere man (Permeke) >< Lichte, dode vrouw (zijn vrouw), nog leven buiten, eenvoudig decor.
- 37—GUSTAVE DE SMET
"Beatrijs", 1922
Tweede Latemse groep (expr.) : Intiem, sereniteit, toonbeeld van bevalligheid, invloed van kubisme.
- 38—GUSTAVE DE SMET
"Dorpskermis", 1933
Tweede Latemse groep (expr.) : Vlaamse thema in universeler context, constructivistische compositie (geometrie), wat intimistisch en ingehouden.
- 39—FRITS VAN DEN BERGHE
"De Schilder", 1916
Tweede Latemse groep (expr.) : Monumentale en synthetische vorm, stevige structuur, statisch, rurale verbondenheid, linaire compositie.
- 40—FRITS VAN DEN BERGHE
"Zondag aan de Leie", 1924
Tweede Latemse groep (expr.) : Invloed van kubisme, eenvoudige structuur --> Soort klassieke evenwicht, expressiviteit van lineaire opbouw en kleuren, dorpsleven verbondenheid.
- 41—FRITS VAN DEN BERGHE
"Zelfportret met doodshoofd", 1938
Tweede Latemse groep (expr.) : Vergelijkbaar met Bosch en Ensor (visionaire fantastiek), meer surrealist, belang van het onderbewuste (nachtmerries).
- 42—RIK WOUTERS
"Het Zotte geweld (De dwaze maagd)", 1912
Brabantse Fauvisme : Extase, kracht van het leven, vitaliteit en spontaneïteit, soort explosie van geweld (3 dimensies).
- 43—RIK WOUTERS
"Rik met de zwarte ooglap (zelfportret)", 1915
Brabantse Fauvisme : Felle kleurencontrasten, onrealistische kleuren, enigszins gedeformeerd.
- 44—HENRI EVENEPOEL
"De man in het rood (De schilder Paul Baignères)", 1895
Felle kleuren (// fauvisten), monumentale compositie, toch traditioneler (weemoed).
- 45—LEON SPILLIAERT
"Vrouwenfiguur op de dijk", 1908
Tussen expressionisme en symbolisme : invloed van het "fin de siècle" gevoel --> eenzaamheid, constructivistisch, koele schoonheid, kleurencontrast zorgt voor perspectief, invloed van zijn stad Oostende (zee, strand).
- 46—JAMES ENSOR
"De Oestereetster", 1882
Eerste fase (impress.) : licht en kleur van belang, burgerlijk interieur, donker koloriet.
- 47—JAMES ENSOR
"De Intrige", 1890
Tweede fase (moderne) : Kritiek op burgerij (dom, enggeestig), ook angst en onzekerheid uitdrukken, dood aanwezig, visionair, fantastisch, lichtere kleuren, de mens in nietig (// Bosch en Brueghel).
- 48—JAMES ENSOR
"Zelfportret met maskers", 1899
Tweede fase (moderne) : Spot met de massa, zelfverzekerdheid is vals (pluimhoed), ironie en satyre, herinnert aan Bosch "Kruisdraging", visionair en fantastisch, lichte kleuren.
- 49—JAMES ENSOR
"De intrede van Christus in Brussel in 1889", 1889
Tweede fase (moderne) : Ironie, domme massa (meelopers), hij (=Christus) staat boven hen (// Brueghel), visionair en fantastisch, lichte kleuren.
- 50—JAMES ENSOR
"De val van de opstandige engelen", 1889
Tweede fase (moderne) : Abstracter, bijna strict picturaal, licht en kleuren centraal, chaotisch, visionair en fantastisch, // thema bij Rubens en Brueghel.
- 51—VINCENT VAN GOGH
"Stilleven met opengeslagen bijbel", 1885
Hollandse periode : meer realistisch, calvinistisch, memento mori, vanitas (kaars), sombere kleuren.
- 52—VINCENT VAN GOGH
"De aardappeleters", 1885
Hollandse periode : Calvinistisch, moraliserend, donker, eenvoudige mensen.
- 53—VINCENT VAN GOGH
"Vrouw aan een tafeltje in het café Aux Tambourins", 1887
Parijse periode : Meer licht en heldere kleuren, néo-impressionistische invloeden.
- 54—VINCENT VAN GOGH
"Oogstlandschap", 1888
Zuid-Franse periode : Expressiviteit en intensiteit van kleur, intense helderheid,
- 55—VINCENT VAN GOGH
"Korenveld met maaier en zon (Tarweveld achter het Hôpital Saint-Paul), 1889
Zuid-Franse periode : Natuur = individuele zingeving, mensheid = koren dat gemaaid wordt --> Memento mori, felle kleuren.
- 56—VINCENT VAN GOGH
"De zaaier", 1888
Zuid-Franse periode : Explosie van felle kleuren.
- 57—VINCENT VAN GOGH
"De zonnebloemen", 1888
Zuid-Franse periode : Felle kleuren en wilde compositie --> Vreugde in de natuur + rusteloosheid van zijn eigen geest.
- 58—VINCENT VAN GOGH
"De tuin van dokter Gachet", 1890
Zuid-Franse periode : Bereidt abstracte kunst voor, traditionele ruimte verdwijnt, felle kleuren.
- 59—VINCENT VAN GOGH
"Cipressen met twee vrouwen", 1889
Zuid-Franse periode : de bomen = vlammen uit de aarde --> symbool voor zijn getormenteerde geest, felle kleuren.
- 60—VINCENT VAN GOGH
"Zelfportret", 1889-90
Zuid-Franse periode : Felle kleuren, meer realisme, soberheid, eerlijkheid, expressief ook --> het wezenlijke tot uiting brengen, vergelijkbaar met Rembrandt.
- 61—JAMES ENSOR
"Zelfportret met bloemenhoed", 1883
Vergelijkbaar met Rubens --> Theatraliteit en virtuositeit, maar ironische parodie bij Ensor door hoed.