O GoConqr está de visual novo! Conte para nós o que você achou.

Flashcards

Nederlands woorden 1+2 H3.3

jaspervanbeuseko Inglês 4,0Avaliação média 4,0 de 5 (1 avaliação) 30 flashcards

Flashcards do conjunto (30)

  1. 1AangeborenWat je al vanaf je geboorte hebt
  2. 2De communicatieDe uitwisseling van informatie
  3. 3De context1 situatie waarbinnen de gebeurtenis plaatsvindt; 2 de omringende tekst
  4. 4DaadwerkelijkerIn werkelijkheid, echt
  5. 5Het elementDeel van een groter geheel, onderdeel
  6. 6De emotieHet gevoel
  7. 7ExactPrecies
  8. 8ExtreemHeel erg; uiterst
  9. 9InstinctiefVolgens je gevoel
  10. 10De minachtingHet totale gebrek aan waardering
  11. 11Neutraal1 niet opvallend; 2 zonder emotie
  12. 12GenuanceerdMet aandacht voor verschillende kanten van een zaak, niet zwart-wit
  13. 13De psycholoogHulpverlener voor mensen met geestelijke problemen
  14. 14UniverseelBij iedereen voorkomend
  15. 15De walgingDe afkeer
  16. 16De aanpakDe manier van werken
  17. 17AssertiefZelfbewust, zelfverzekerd
  18. 18Het conflictHet heftige verschil van mening
  19. 19ContinueDe hele tijd, constant
  20. 20DominantBazig, overheersend
  21. 21Spartaans1 streng 2 zonder luxe
  22. 22Te lijf gaanAanvallen
  23. 23De neigingIets wat je steeds doet, of steeds wilt doen
  24. 24Uiten1 zeggen; 2 laten merken
  25. 25Variëren1 veranderen; 2 wisselen
  26. 26Op de voorgrond staanVeel aandacht krijgen
  27. 27Noem minstens 5 voorvoegselsOn, non, niet, anti, contra, ir, a, in, dis, de, des
  28. 28Noem een achtervoegselLoos
  29. 29AntoniemWoorden met een tegenstellende betekenis
  30. 30Signaalwoorden die op een antoniem wijzenEchter, evenwel, toch, in tegendeel, enerzijds ... Anderzijds, daar staat tegenover

Informações

Descrição
Nederlands
Criado por
jaspervanbeuseko · jan 2016
Atualizado
22 jul 2016
Visualizações
91
Avaliação
Avaliação média 4,0 de 5 (1 avaliação)

Fale Conosco

Sobre o que é sua mensagem?

O que você acha do novo visual?

Você gostou?