GoConqr has a new look! Let us know what you think.

Quiz

Verhaaltjes sommen

Daniel Gramberg 10 questions

Take the quiz

This quiz has a time limit, so it opens in the usual player.

Questions in this quiz (10)

  1. 1Elise gaat koekjes bakken. Om 12 koekjes te bakken heb je 2 schepjes suiker nodig. Elise wil 48 koekjes bakken. Hoeveel schepjes suiker heeft ze nodig?
    1. A12
    2. B48
    3. C4
    4. D8
  2. 2Op de Fontein zitten 400 kinderen. 3/8 van die kinderen zit op turnen. Hoeveel kinderen zijn dat?
    1. A150
    2. B50
    3. C32
    4. D120
  3. 3Lise zaagt van een plank van 1 meter 1/20 deel af. Hoeveel centimeter van de plank blijft over?
    1. A20
    2. B80
    3. C5
    4. D95
  4. 4In een restaurant worden 29 taarten allemaal in 9 stukken verdeeld. Na het feest zijn er nog 6 stukken over. Hoeveel stukken werden er opgegeten?
    1. A161
    2. B54
    3. C255
    4. D81
  5. 5In een bos staan 500 sparren, 1012 platanen en nog 1502 kastanjes. De helft van de bomen wordt gekapt. Hoeveel zijn dat er?
    1. A1001
    2. B1507
    3. C756
    4. D2202
  6. 6Anne verkoopt 4587 narcissen. Ze maakt bosjes van 10. Hoeveel losse bloemen houdt ze nog over?
    1. A87
    2. B3
    3. C7
    4. D458
  7. 7Om tien over half 8 's avonds gaat Liam naar het voetbalveld. Om 20:10 moet hij weer thuis zijn. Hoeveel minuten mag hij wegblijven?
    1. A40
    2. B20
    3. C50
    4. D30
  8. 8Floris, Aaron, Jim en Adam verdelen bij Monopoly 44000 euro eerlijk. Hoeveel euro krijgt ieder?
    1. A10000
    2. B4400
    3. C11000
    4. D44
  9. 9Mijnheer van Veen koopt 14 pakken koek. In ieder pak zitten 12 koeken. Hoeveel koeken heeft hij gekocht?
    1. A168
    2. B140
    3. C148
    4. D128
  10. 10Niek verdeelt een kan van 2 liter sap over bekers van 10 centiliter. Hoeveel bekers kan hij vullen?
    1. A20
    2. B200
    3. C10
    4. D2

Information

Description
Hoi! Wat leuk dat je deze oefening wilt doen. Voordat je begint moet je in ieder geval een kladblok en pen of potlood hebben om een rekensom op te kunnen schrijven en uitrekenen. Vind je het moeilijk? Gebruik dan dit stappenplan! 1. Lees de opgave rustig en goed door. 2. Welke som moet je uitrekenen om een antwoord te geven op de vraag? 3. Reken de som uit. 4. Reken de som nog eens na. Kan je antwoord kloppen als je nog een keer terugkijkt naar het verhaaltje?
Language
English
Views
584
Rating
No ratings yet
Rate this quiz
Rate this quiz

Feedback

What is it about?

What do you think of the new look?

How do you like it?